Buitendagje
Vandaag lekker de eco-toerist uitgehangen. Vrij letterlijk trouwens, want ik heb me gewaagd aan een heuse Canopy-tour. Ik had er zelf nog nooit van gehoord, maar het schijnt een vrij populaire variant van het ouderwetse boompje-klimmen te zijn. Het idee is dat je van een platform (hoog in de boom) springt en je soepeltjes laat geleiden naar de volgende boom via een katrolsysteem. Het leuke van deze kabelbaan is dat je een beetje in de monkey-state-of-mind komt, want je zit immers op hetzelfde niveau te spelen. Ah ah oeh ah! De Canopy waarvoor ik had getekend (ook weer letterlijk) is aangebracht boven een koffieplantage, gelegen aan de voet van de vulkaan Mombacho. Maar ik moet toegeven, het duurde wel even voordat ik van het uitzicht kon genieten, want de eerste drie sprongen ben je toch vooral bezig met het in balans houden van je lijf en het tijdig remmen. Toen ik dat eenmaal onder de knie had voelde ik me een hele Tarzan en ik had het vantevoren niet gedacht, maar ik vond het echt jammer dat het na een boom of 10 alweer voorbij was. Nou ja, bijna dan, want het laatste platform diende voor de afwisseling verticaal verlaten te worden via een vrije abseil. Gewoon laten vallen dus en hopen dat de gids beneden gisteravond niet teveel Toña’s heeft gedronken en op tijd aan de rem trekt. (Toña is een onvervalst Nicaraguaans biertje, dat overigens prima smaakt, net als de rum trouwens; de kunst van het brouwen en stoken hebben ze wel begrepen hier, maar dit terzijde.) De gids was wakker, gelukkig.

In de middag heb ik met dezelfde organisatie een kayak-tocht gemaakt in de omgeving van de Isletas, 365 kleine eilandjes op steenworp afstand van Granada en de vulkaan. Zo zijn ze ook ontstaan, want een paar duizend jaar geleden heeft Mombacho ze tijdens een pittige uitbarsting in het meer van Nicaragua gesmeten. Het meer van Nicaragua, dat meer weg heeft van een zee trouwens, is ook het foerageergebied van de gevreesde Bullshark, zo heb ik me door de gids laten vertellen. Deze lelijke schrokop beschikt namelijk over het vermogen om zich aan zoet water aan te passen, en zwemt dus met gemak vanuit de Caraïbische zee de rivier op in de richting van het meer. Ik begon mijn kayak natuurlijk meteen te inspecteren op bijtsporen, maar ter geruststelling voegde de gids er nog aan toe dat het beest alleen in de diepere delen van het meer te vinden is. De Isletas zijn trouwens vooral interessant voor vogelaars, want er valt genoeg te spotten in het struikgewas. Al met al een fraaie afsluiting van een lekker buitendagje en de ondergaande zon leverde weer een paar mooie kiekjes op, waaronder deze twee:



