La Familia Nicaraguensa
zaterdag 1 november 2008Een beetje huiverig schuif ik deze ochtend aan voor het ontbijt van mamita, dat niet kinderachtig genoemd kan worden: twee bananen, twee reeds voorgeschilde sinaasappels, een kom dampende groentesoep, twee hompen witte kaas, wat crackers, een pot jam, jus d’orange en thee. Mijn maag- en darmstelsel voelt vandaag alweer een stuk normaler aan, maar dit is echt teveel van het goede en ik houd het bij wat fruit en crackers met jam. Ik verontschuldig me door te zeggen dat veel mensen in Nederland de dag beginnen met slechts een kop koffie of thee, iets wat mamita maar moeilijk kan geloven. Als ik later aan Herbi vraag hoe het gezin precies in elkaar zit qua bloedlijnen, legt hij me uit dat twee van de drie kleintjes toebehoren aan zijn oudste zus, die op de bovenverdieping woont. De derde telg is van zijn jongere zus en hijzelf deelt een kamer met zijn vriendin (die ik eerder aanzag voor een zusje van Herbi). Ik reken uit dat mamita voor zeven mensen zorg draagt in dit huis, met mijzelf erbij acht, wat ik een indrukwekkend aantal vind. Temeer omdat ze het helemaal alleen doet, aangezien Herbi’s vader al een hele tijd niet meer in beeld is. Hetzelfde geldt trouwens voor de mannen van de zusjes, waarvan er slechts eentje af en toe komt opdagen om even zijn kind te zien. Herbi’s vaderloze jeugd vormt in Nicaragua geen uitzondering, want veel vrouwen worden hier door hun geliefden in de steek gelaten zodra zich een zwangerschap aandient. En veel mannen halen dezelfde streek uit bij meerdere vrouwen, waardoor ze verschillende gebroken gezinnen veroorzaken. Het is dan ook niet voor niets dat er in Nicaragua een ministerie voor de familie bestaat, onder meer om het leven van alleenstaande moeders en hun kinderen wat makkelijker te maken. Maar dat het desondanks een hard bestaan is voor deze vrouwen, daar twijfel ik geen moment aan.

